Strafklacht SOBI tegen Deloitte inzake Ahold

03 mrt 2006

De Stichting Onderzoek Bedrijfs Informatie SOBI heeft vandaag formele strafklachten ingediend tegen het accountantskantoor Deloitte en tegen John van den Dries, die namens Deloitte onjuiste jaarrekeningen van Ahold heeft goedgekeurd. De klacht is ingediend bij minister Donner omdat deze feitelijk leiding geeft aan het Openbaar Ministerie en tevens bij Mr Biemond en mevrouw Mr. Van Dis-Setz van het functioneel parket Den Haag omdat deze over het complete Ahold-strafdossier beschikken.
SOBI vermoedt dat Deloitte bij het afgeven van goedkeurende verklaringen bij de jaarrekeningen 1998, 1999, 2000 en 2001 van Ahold valsheid in geschrifte heeft gepleegd, valsheid in geschrifte heeft uitgelokt en tevens medeplichtig zou zijn aan oplichting van aandeelhouders Ahold.
SOBI heeft in de zomer van 2005 aan de Officier van Justitie Mr. Biemond stukken toegezonden waaruit kan blijken dat deze vermoedens juist zijn. SOBI had toen geen verzoek tot strafvervolging ingediend maar wel gevraagd de strafvervolging tegen Cees van der Hoeven c.s. voorzover die betrekking had op oplichting van Deloitte, te beëindigen. Sinds de afgelopen zomer beschikt het Openbaar Ministerie, en daarmee ook minister Donner, over stukken die de strafklacht kunnen onderbouwen. SOBI heeft geen inhoudelijke reactie ontvangen.
SOBI heeft nu aan minister Donner en het functioneel parket meegedeeld dat wanneer niet binnen twee maanden schriftelijk wordt bevestigd dat men tot strafvervolging van Deloitte zal overgaan (of een anderszins bevredigende reactie heeft gegeven) aan het Amsterdams Gerechtshof gevraagd zal worden een bevel te geven tot vervolging van Deloitte en Van den Dries over te gaan.

De strafklacht heeft betrekking op het onvoldoende controleren van de jaarrekeningen van Ahold dochter US Foodservice en op het gebruik van sideletters waarvan Deloitte wist dat de inhoud strijdig was met de inhoud van de geldende aandeelhoudersovereenkomsten, de zogenaamde consolidatie problematiek.

In de goedkeurende verklaringen bij de jaarrekeningen 1999 t/m 2001 van Ahold heeft Deloitte in strijd met de waarheid gesteld: ‘Onze controle is verricht overeenkomstig algemeen aanvaarde richtlijnen met betrekking tot controleopdrachten in Nederland’. In werkelijkheid heeft Deloitte bij het controleren van Ahold-dochter US Foodservice deze richtlijnen niet nageleefd maar elementaire fouten gemaakt. Daardoor zijn de oplichtingspraktijken van managers van US Foodservice pas in februari 2003 ontdekt. Bij juiste controle zouden die praktijken al in 2000 zijn ontdekt. Door de fouten van Deloitte zijn de aandelenkoersen van Ahold tot een ongerechtvaardigd hoog niveau gestegen (€ 30) en hebben aandeelhouders miljarden euro’s schade geleden.

Op 24 augustus 1998 opperde Deloitte de mogelijkheid om side letters te gebruiken om 50% joint ventures te kunnen consolideren. SOBI vermoedt dat Deloitte hiermee valsheid in geschrifte door Ahold heeft uitgelokt. Als gevolg van het ten onrechte consolideren hebben aandeelhouders volgens berekeningen van SOBI miljoenen euro’s schade geleden.

De strafklacht heeft geen betrekking op het voor honderden miljoenen euro’s te hoog in de boeken opnemen van vorderingen op de familie Peirano met betrekking tot de Argentijnse joint venture Disco in de jaarrekeningen 1999 en 2000. Hoewel aandeelhouders ook door die fouten miljarden euro’s schade hebben geleden heeft SOBI om proces-economische redenen, vooralsnog op dit punt van een formele strafklacht afgezien.

Geef een antwoord