Navigation


Ahold/Deloitte

Tuchtklacht tegen bestuursvoorzitter Deloitte

13 mrt 2008

Raad van Tucht voor Registeraccountants en

Accountants-Administratieconsulenten te 's-Gravenhage

Secretaris Mr J.P. van Ginkel

Postbus 85996

2508 CR 's-Gravenhage 

 

Nieuwersluis, 13 maart 2008

 

Betreft: Klacht tegen de heer prof. dr. R.J.M. Dassen RA (hierna Dassen) en de heer L.J. van den Dries RA (hierna Van den Dries).

  

De Stichting Onderzoek Bedrijfs Informatie SOBI dient hierbij een klacht in die uit twee onderdelen bestaat. Deze wordt u per fax en per post verzonden.

 

Klachtonderdeel 1

Dassen en/of Van den Dries hebben omstreeks 19 en 20 juni 2006 de Raad van Tucht misleid door te suggereren dat Van den Dries te ziek was om op 26 juni 2006 de behandeling van de tuchtklacht inzake goedkeuring van de Ahold jaarrekeningen bij te wonen.

 

Klachtonderdeel 2

Dassen heeft als bestuursvoorzitter van Deloitte op onwaardige wijze uiting gegeven aan zijn vreugde over het feit dat door deze ziekmelding uitstel van behandeling van de klacht was verkregen.

 

Toelichting klachtonderdeel 1

Dassen was van 2001 tot zomer 2005 directeur accountancy van Deloitte Accountants BV. Dassen is sinds zomer 2005 bestuursvoorzitter van Deloitte Accountants BV.

De klacht die de Raad van Tucht op 26 juni 2006 zou onderzoeken had betrekking op het ten onrechte goedkeuren van de jaarrekeningen 1996 t/m 2001 van Koninklijke Ahold NV.

Dassen en Van den Dries wisten reeds omstreeks 2 maart 2006 dat de klacht op 26 juni zou worden behandeld. Dit blijkt uit de brief die de Raad van Tucht op 4 april 2006 aan klager en betrokkene verzond (prod 1). Op 19 juni 2006 schreef de advocaat van Deloitte Accountants BV en/of van Van den Dries dat Van den Dries te ziek was om de zitting van de Raad van Tucht van 26 juni 2006 bij te wonen (prod 2).

Op 20 juni 2006 zond hetzelfde advocatenkantoor per fax (prod 3) een verklaring van de huisarts van Van den Dries plus een verklaring van de bedrijfsarts van Deloitte aan de Raad van Tucht. Deze verklaringen zijn nooit aan SOBI ter inzage gegeven.

In werkelijkheid blijkt Van den Dries niet ziek te zijn geweest. Door de valse ziekmelding is de Raad van Tucht misleid en de rechtsgang gefrustreerd.

Op 26 juni 2006 bevestigt Van den Dries in een e-mail aan zijn kantoorgenoten dat hij, in tegenstelling tot interne en externe berichtgeving, niet ziek was en dat ook nog lang zo wilde houden (prod 4).

 

Toelichting klachtonderdeel 2

De klacht wegens het ten onrechte goedkeuren van de jaarrekeningen Ahold was indertijd uitsluitend tegen Van den Dries ingediend omdat de toenmalige bestuursvoorzitter van Deloitte in maart 2004 aan SOBI had geschreven dat van den Dries verantwoordelijk was voor de accountantsverklaringen bij de jaarrekeningen van Ahold. Dat laat onverlet dat toen Van den Dries de jaarrekening 2001 van een goedkeurende verklaring voorzag Dassen directeur accountancy van Deloitte accountants BV was en verantwoordelijk voor de kwaliteitsbewaking binnen Deloitte. Het is ondenkbaar dat Van den Dries zonder toestemming van Dassen een goedkeurende verklaring bij de jaarrekening 2001 van Ahold zou hebben afgegeven.

Civielrechtelijk, althans moreel, was Dassen evenzeer aansprakelijk voor de onterechte goedkeuring van de jaarrekening 2001 van Ahold als Van den Dries.

Het was begrijpelijk dat Dassen verheugd was toen hij met behulp van de ziekmelding uitstel van de tuchtzitting had bereikt. Dat Dassen zijn vreugde hierover indertijd uitte door in zijn weblog te schrijven dat dit het eerste goede nieuws over de Ahold-zaak sinds tijden was, is niettemin een accountant, en zeker de bestuursvoorzitter van een accountantsorganisatie, onwaardig.

 

Bijlagen/producties:

  1. brief Raad van Tucht van 4 april 2006 aan SOBI waaruit datum vaststelling blijkt;
  2. brief van Stibbe aan Raad van Tucht van 19 juni 2006;
  3. brief van Stibbe aan Raad van Tucht van 20 juni 2006;
  4. e-mail van Van den Dries van 26 juni 2006 aan kantoorgenoten;
  5. e-mail van vice-president Deloitte van 27 juni 2006 aan dezelfde personen;
  6. brief Raad van Tucht van 20 mei (bedoeld is: juni) 2006 aan SOBI.

 

Hoogachtend,

 

P.T. Lakeman,

Voorzitter SOBI